Bij Ons - Kattenmensen
Toen we naar Zweden gingen, waren we van plan snel weer een kat te
nemen. Onze vorige overleed twee jaar geleden en omdat we het sindsdien
druk hadden met kind, zaak en emigratie, was er even geen ruimte voor
gezinsuitbreiding.
Eenmaal in Zweden gingen we op zoek naar een dierenasiel. Een asiel van
het type dat we in Nederland kennen is hier echter niet gebruikelijk.
Wel heb je (vaak plaatselijke) verenigingen die zich met opvang van
gevonden of weggegeven honden en katten bezighouden.
Tien kilometer ten zuiden van Nybro vonden we Katthemmet Kompis,
een soort kattenasiel dat bijzonder actief is op Internet. Verwacht
geen klinische loods met keurig naast elkaar geplaatste hokken. Kompis
bestaat uit een aantal stallen en bijgebouwtjes bij een geel huisje
waar de initiatiefnemers wonen. Maritha en Sonny heten ze, echte
kattenmensen die elke ruimte benutten om katten te huisvesten.
Het is eigenlijk een uit zijn voegen gegroeide hobby die in de vorm van
een vereniging is gegoten. Ja, er zijn hokken, maar ook complete
huiskamers voor katten en enorm veel, met gaas afgescheiden
buitenhokken. Eén gebouwtje dient als quarantaine en als
bezoeker moet je overal plastic hoesjes om je schoenen dragen.
We kwamen met een helder beeld van de kat die we zochten: het dier
moest minimaal 1 jaar zijn, niet langharig en niet zwart. Maar hoe gaat
dat, je sjouwt van kat naar kat, laat weldra een eis vallen, en nog kan
je geen keuze maken.
Uiteindelijk nam Maritha ons mee naar hun woonkamer - nu ja, het lijkt
meer een kattenkamer met ook wat meubels voor mensen - en daar zat ze:
de kat die we zochten. Langharig, heel donker (zwart, bruin en wat
wit), aparte tekening, net gesteriliseerd en 1 tot 2 jaar oud. Ze liet
zich makkelijk strelen en spinde er lustig op los.
Bij Kompis heette ze Cinnamon. Wij hebben er Simonne van gemaakt. Sinds
drie dagen zit ze bij ons, veelal onder het bed. Ze komt er
onderuit, maar is nog voorzichtig. Want ja, alles is nieuw voor haar.
Eten, drinken en de kattenbak gebruiken is alvast geen probleem. Nu
alleen nog wat wennen.
Maritha neemt nazorg serieus en heeft al eens gebeld om te vragen of
alles goed gaat. Wie zelf een kat zoekt, kan altijd bij haar terecht.
(Gepubliceerd in oktober 2008)
Het vervolg van ons emigratieverhaal vind je hier.

|